Taalpedagogisch concept

Taalpedagogisch concept

Inleiding

Een van de hoofddoelen van Onze Klas Mijn Wereld is het realiseren van motiverend taalonderwijs.
Kernbegrippen zijn: communicatie, functionaliteit en betrokkenheid: de leerlingen spreken, schrijven en lezen over onderwerpen die ontleend zijn aan hun (sociale) leefwereld; de leraar laat leerlingen ervaren dat taal ook over henzelf kan gaan en dat kennis over bijvoorbeeld lees- en schrijfstrategieën belangrijk is bij het communiceren over wat ze willen weten of vertellen.
Onze Klas Mijn Wereld spreekt leraren aan op hun vermogen om samen met de leerlingen betekenisvolle onderwerpen te kiezen en uit te werken, en individuele leerlingen te helpen met het volgende stapje in hun (taal) ontwikkeling.

Taaldoelen en OKMW

In veel activiteiten zijn spreken en luisteren, gesprekken voeren, lezen en schrijven op een natuurlijke manier verbonden. Anders dan in het werken met een methode, staat de communicatieve functie van taal centraal.

Leraren die zonder methode werken kunnen de doorgaande ontwikkeling in het oog houden door hun activiteiten af te stemmen op de leerlijnen die het Expertisecentrum Nederlands per bouw heeft beschreven, en de daaruit afgeleide tussendoelen. www.leerlijnentaal.nl
De uitgangspunten van het EN: sociaal leren (leerlingen leren ook van elkaar, al dan niet door samen te werken); betekenisvol leren (uitgaan van authentieke leersituaties en rijke contexten die relevant zijn voor de leerlingen) en strategisch leren (het verwerven van cognitieve en meta-cognitieve strategieën om taalproblemen op een efficiënte manier op te lossen) liggen dicht bij die van Onze Klas Mijn Wereld. Om de inpassing van Onze Klas Mijn Wereld-activiteiten in het actuele taalonderwijs te vergemakkelijken, geven we bij iedere beschreven les relevante leerlijnen zoals geformuleerd door het Expertisecentrum Nederlands voor mondelinge communicatie, beginnende geletterdheid, gevorderde geletterdheid en reflectie op taal. Sinds het verschijnen van het boek Onze Klas Mijn Wereld zijn tussendoelen ook te vinden op een nieuwe website: tule.slo.nl/Nederlands/F-KDNederlands.html

Voor PABO-studenten biedt de koppeling van Onze Klas Mijn Wereld activiteiten aan taaldoelen de mogelijkheid om gericht te zoeken naar betekenisvolle inhouden bij beoogde vaardigheden, of vanuit zinvolle inhouden te werken aan taaldoelen. De beschreven praktijken kunnen daarbij dienen als een bron voor inspiratie.

Het schrijven van eigen ‘vrije’ teksten

In de activiteiten van Onze Klas Mijn Wereld wordt veel gewerkt met vrije teksten. De kracht daarvan zit hem in de inhoud: leerlingen schrijven over onderwerpen die dichtbij henzelf liggen. Daarbij gaat het erom dat ze zo precies mogelijk verwoorden wat er bijzonder is aan een gebeurtenis of ervaring en deze zo levendig en concreet beschrijven dat lezer zich voorstelling kan maken. Correcte spelling en zinsbouw komen op de tweede plaats. Deze kunnen bijgeschaafd worden tijdens een tekstbespreking samen met leraar of de hele klas.

Foto’s als inspiratiebron
Zelfgemaakte foto’s, met de digitale camera van de klas, blijken veel stof tot schrijven te geven.

Familie / Logeerdier: Bij meester Robert (groep 4) schreven de leerlingen teksten bij de foto’s die ze maakten als het logeerdier bij hen thuis was. Eerst in het klad, dan op de computer. Sommige leerlingen maakten wel 30 foto’s. Robert: “Het werkte fantastisch. Frank, een al wat oudere leerling, heeft veel problemen met spelling maar hij had een hele berg foto’s en hij was niet te temmen met het schrijven van zijn kladteksten. Voor Gina werkte het minder. Ze maakt zelf een boek, maar van het logeerdier maakte ze maar twee foto’s. Van haar had ik meer verwacht.”

Van ontwerptekst naar eindproduct
Het intypen van kladteksten op de computer levert intensieve leesmomenten op. Leerlingen lezen hun handgeschreven tekst steeds opnieuw tijdens het intypen om te zien waar ze gebleven waren. Ze ontdekken een spelfout of zien dat er een woordje ontbreekt. Op het beeldscherm lezen ze de al getypte woorden steeds terug, om te weten hoe ze verder moeten gaan.

Ook ondersteunt het tekstverwerkingsprogramma een kritische houding tegenover de eigen tekst.
Wanneer leerlingen hun teksten in het klad schrijven, levert werken op de computer inspiratie om hun tekst zorgvuldig te herlezen:
– bij het intypen, eventueel met steun van de spellingscorrectie
– bij het reviseren: een tekstbespreking in een kleine groep of met de hele klas, waarbij klasgenoten meedenken over de kracht van een tekst en tips geven om hem te verbeteren.

Leerlingen in groep 3 en 4 (en sommigen in groep 2) kunnen vanaf het allereerste begin al teksten schrijven, hoe kort ook. In het begin zijn het woorden of zinnen bij een tekening, maar al snel gaat bij velen de taal voor het tekenen uit. Over actuele thema’s in de klas of in hun leven hebben alle leerlingen iets persoonlijks te vertellen. In een vrije tekst kunnen ze dat op hun eigen manier doen. Daarbij gaat de inhoud voor de vorm (spelling en zinsbouw), want de expressie van gedachten, gevoelens, ervaringen of fantasieën is een creatief proces.

Gevoelens en Kwaliteiten / Mijn gevoel: Juf Britt (groep 3) heeft aan de hand van de emotieposter verschillende gevoelens besproken en uit laten beelden. Dan maakt ze tweetallen. De leerlingen kiezen een van de emoties blij, boos, bang of verdrietig en vertellen elkaar wanneer ze zich zo voelden (ervaringsverhaal). Daarna schrijven de leerlingen hun tekst op. Enkele leerlingen hebben moeite met het herkennen en verwoorden van hun gevoelens. Met hen bespreekt Britt wat ze op kunnen schrijven. Uiteindelijk hebben alle leerlingen een tekst klaar. Die typen ze in op de eigen webpagina en ze kiezen er een passend plaatje bij met Google Afbeeldingen.

Tekstbespreking
Eigen teksten, die ook nog gepubliceerd worden, bieden uitstekende aanknopingspunten voor een tekstbespreking (tekstrevisie). Daarbij staan twee vragen centraal. De eerste betreft de inhoud: is de tekst duidelijk, sprekend en volledig? De tweede betreft de vorm: kloppen de woorden en zinnen met de regels voor spelling en grammatica? De leraar kan een tekst individueel reviseren, of met een klein groepje kinderen.
Sommige activiteiten lenen zich goed voor tekstrevisie met de hele groep, bijvoorbeeld als het gaat om een tekst die op het weblog van de klas komt.
Een fijne klas / journalist van de dag: leerlingen maken een foto en schrijven een tekst voor het weblog van de klas over wat ze die dag belangrijk vonden in de groep. De andere leerlingen lezen mee en letten op of de tekst duidelijk is voor buitenstaanders. Ze kunnen suggesties doen voor aanvullingen, weglatingen en verbeteringen in de vorm.
Klassenoverleg / klassenvergadering – de notulen op het weblog: De notulisten laten hun verslag lezen aan de klas voordat ze het publiceren. Klasgenoten kunnen commentaar geven op de inhoud en de vorm (spelling, zinsbouw). Pas als ieder het erover eens is zetten de notulisten het verslag online.

Ik vind / ons schoolplein: In de klas van juf Ilona (groep 3) schreven de leerlingen samen een brief aan de directrice met het verzoek om nieuw speeltuig voor het schoolplein. Daarvoor gingen ze naar een lokaal met een digitaal schoolbord. De leerlingen bedachten samen wat er in moest komen. De stagiaire, juf Fatima, typte de zinnen meteen in en kon ze snel veranderen als leerlingen tot een beter alternatief besloten. Juf Ilona vroeg steeds om suggesties en stelde vragen als: hoe kun je ervoor zorgen dat juf Marga onze brief graag leest? Hoe kunnen we haar overtuigen dat we echt graag een boomhuis willen?

Verder lezen
Norden, Suzanne van (2004).Taal leren op eigen kracht. Assen: Van Gorcum